header image
Van het WKZ dé plek maken waarbij alles innovatief is

“Als kinderarts heb je één belangrijk doel: kinderen redden. De meeste kinderen kunnen we inmiddels wel redden. De vraag die ik belangrijk vind is: hoe kunnen we ervoor zorgen dat chronisch zieke patiënten zo gewoon mogelijk kunnen leven?” Aan het woord is professor Edward Nieuwenhuis, hoofd kindergeneeskunde in het Wilhelmina Kinderziekenhuis van het UMC Utrecht en daarnaast als onderzoeker verbonden aan het Hubrecht Instituut en aan de Harvard Medical School.

Werelden bij elkaar brengen
“Wat ik belangrijk in mijn werk vind is bruggen slaan,” vertelt Nieuwenhuis. De rode draad in mijn loopbaan is het koppelen van klinische topzorg aan het beste in het wetenschappelijk onderzoek. Een voorbeeld. Veel mensen binnen het WKZ werken ook bij het Hubrecht. Hier werken we aan verschillende onderzoekslijnen: darmziektes, leverziektes en taaislijmziekte. Van ieder biopt uit een orgaan (darm, lever, long) kunnen een mini-orgaantje (organoid) maken dat uiteindelijk bedoeld is voor transplantatie. In de tussentijd kunnen we het mini-orgaantje gebruiken als test voor nieuwe geneesmiddelen of om de ziekte beter te begrijpen. We ontwikkelen nu biobanken voor bepaalde organen en ziektes. Op deze manier behandelen we op dit moment patiënten met taaislijmziekte met een bepaald medicijn dat getest is op een darm-organoid. Wat belangrijk is om te weten is dat het niet alleen om ‘basic science’ gaat, maar juist ook om de manier van denken die daarbij hoort. Ik wil de twee werelden bij elkaar brengen. Ik zie het ook als mijn opdracht om van het WKZ een zo academisch mogelijk ziekenhuis te maken. Dat betekent dat we gebruik maken van alles wat er in de omgeving aan kennis en expertise beschikbaar is.”

Meet je ook geluk?
“Vroeger werd een kind met taaislijmziekte niet ouder dan twaalf jaar. Nu kunnen deze kinderen volwassen worden. De vraag die je hier moet stellen is welke kwaliteit van leven zij dan hebben? Wat is de levenslange impact van een behandeling? Hoe kunnen we ervoor zorgen dat dit leven zo normaal mogelijk verloopt? Er is nog veel onderzoek nodig. We gaan hierin samenwerken met het KinderKennisCentrum van de Universiteit Utrecht. Zij doen onderzoek naar de ontwikkeling van kinderen en zijn met name geïnteresseerd in het gedrag van kinderen en in bijvoorbeeld de groei van hun hersenen. Het gaat hier om kinderen met een ‘normale’ ontwikkeling. Maar wat is normaal? Meten ze bijvoorbeeld ook geluk?”

"We zijn te veel bezig met het antwoord in plaats van goed naar de vraag te kijken."

Kinderen kiezen zelf het onderzoek uit
“In het WKZ werken we met patiënten panels. We vragen ex-patiënten om mee te denken met ons onderzoek. In Utrecht zijn we wereldberoemd om ons onderzoek naar ontstekingsremmers voor reuma. Wat echter uit de gesprekken met het panel bleek is dat de patiënten veel last bleven houden van pijn. Dat was voor ons een blinde vlek. Nu doen we er onderzoek naar. We gaan zelfs zo ver dat we een fonds gaan oprichten waarvan kinderen zelf kunnen bepalen naar welk onderzoek het geld gaat. We zijn altijd veel te veel bezig geweest met het antwoord in plaats van goed naar de vraag te kijken.”

Van acute zorg naar levensloop
“De kindergeneeskunde verandert langzaam van acute-naar levensloop-zorg. Het is van belang om het hele pakket te leveren. We hebben inmiddels de cohorten en de technologieën om het te doen. Dit betekent ook dat mijn werk niet alleen meer beperkt blijft tot de kindergeneeskunde, maar zich ook op de volwassen afdelingen en omgeving richt (scholen, samenwerking met andere ziekenhuizen, klinieken). We zullen ook moeten kijken naar oudere mensen die terugkomen. Wat is de impact van hun behandeling in de kindertijd geweest?

"Mijn droom is om van het WKZ de plek te maken waarbij alles innovatief en nieuw is" 

Er zijn ook hobbels. Geld verdienen en de vrije marktwerking zijn ontzettend belangrijk geworden. We zitten midden in de cultuur van concurrentie. We zullen ook over onze grenzen heen moeten kijken. Daarnaast is de technologische ontwikkeling vaak belangrijker dan de sociale en morele ontwikkeling. Deze moeten veel meer hand in hand gaan. Ook niet-meetbare innovatie kan een groot verschil maken. Wij zijn nu bijvoorbeeld bezig met de verbouwing van onze intensive care. We betrekken hierbij ook kunstenaars van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht en kinderen. Voor ons is het belangrijk om de muren naar beneden te halen en de buitenwereld binnen te laten. Dit past allemaal prachtig in de nieuwe strategie van het UMC Utrecht. Zowel het bouwen aan netwerken binnen en buiten het UMC (Connecting U) als de visie op wetenschap (Science in transition) helpen ons enorm de goede kant op.

Mijn droom is om van het WKZ de plek te maken waarbij alles innovatief en nieuw is. Dus ook bijvoorbeeld de werkcultuur. Ik wil dat mensen bij ons komen kijken hoe we het doen. Wij durven het te doen.”

Edward Nieuwenhuis

Organisatie Wilhelmina Kinderziekenhuis (WKZ)
partner